Lang en mager; een platte borstkas, smalle schouders, kleine schedel, langwerpig, eivormig gelaat. Veelvoorkomend bij patiënten lijdend aan schizofrenie.
De corresponderende ‘normale’ karakterstructuur wordt aangeduid als schizothym. Meest kenmerkend is een ietwat gespleten gevoelsleven: enerzijds sensitief, anderzijds koel en stug. Gaat samen met moeizame omgang met andere mensen, neiging om zich af te sluiten, en gebrek aan realiteitszin.